Spanje Geschiedenis

Zoekveld

 

Geschiedenis

De vroege voorouders van de Spanjaarden zijn de Neanderthalers die 780.000 jaar geleden al in deze streek verbleven. Er zijn nabij Burgos botsplinters gevonden die dit aantonen.
De ‘vrouw van Gibraltar’ stamt dan ook uit deze tijd: het gaat om een schedel van ca. 5000 voor Christus, die in 1848 werd gevonden. Het vermoeden bestaat dat de Neanderthalers tijdens de laatste ijstijd door Afrikaanse migranten zijn verdreven. Afbeeldingen in grotten aan de oostkust laten de jachttaferelen van deze mensen nog zien. Na deze tijd hebben nog vele andere volken Spanje als hun thuishaven gekozen. Verschillende voorwerpen uit de oudheid zijn in diverse streken van Spanje gevonden.

Totdat de Moren in de achtste eeuw Spanje bezetten, heersten daar de Visigoten.
De Moren bezetten Spanje gedurende 7 eeuwen, waarin zij de Islam invoerden en er een Moors-Spaanse cultuur tot stand kwam. De Christenen wisten Spanje echter na een langdurig proces te heroveren: deze herovering wordt in Spanje de Reconquista genoemd. De Reconquista eindigde in 1492 met de val van Granada, het moment dat als de eigenlijke vereniging van Spanje wordt beschouwd.

In 1504 werd Spanje al een wereldmacht onder leiding van de Habsburgers, waarna de Bourbons in 1700 het stokje overnamen. Het 'Huis van Bourbon' werd dan ook het staatshoofd van de gecentraliseerde Spaanse staat nadat de Spaanse Successieoorlog, die woedde van 1700 tot 1704, ten einde kwam.

In de tweede helft van de 19de eeuw kende Spanje opnieuw een oorlog, de Spaans-Amerikaanse, waarbij Spanje haar koloniën Cuba, Puerto Rico en de Filippijnen verloor in 1898.

Na het gedwongen aftreden van koning Alfonso XIII werd Spanje in 1931 een republiek. Door de altijd wankelende politiek kreeg Spanje opnieuw een oorlog te verduren die duurde van 1936 tot 1939; de Spaanse Burgeroorlog. Deze oorlog kan eigenlijk gezien worden als een conflict tussen de democratie en het fascisme.
In deze oorlog kreeg de leider van de nationalisten, Generaal Franco, steun van Italië en Duitsland, terwijl de Sovjet-Unie de regering hun hulp aanbood. Uiteindelijk wonnen de nationalisten de oorlog en bleef General Franco tot aan zijn dood in 1975 aan de macht als dictator.

Na de dood van Franco werd Juan Carlos, de kleinzoon van Alfonso XIII, koning en de monarchie werd zodoende hersteld. Dit resulteerde uiteindelijk in het tot stand komen van een democratische grondwet in 1978.